- Onderzoeksrapporten
(FR) Bepaling van vleermuisactiviteitsklassen per soort in Wallonië
Dit werk werd uitgevoerd in het kader van opdracht nr. O3.02.03-24-2282 en betreft de ontwikkeling van een referentiekader voor vleermuisactiviteit op schaal van Wallonië, per soort, in het bijzonder voor soorten die gevoelig zijn voor windenergie, op basis van bestaande akoestische gegevens.
Het doel van deze studie is om op een duidelijke manier, met een onderbouwde methodologie, klassen van vleermuisactiviteit te identificeren om de bepaling van mogelijke relevantie voor de volgende soorten te vergemakkelijken: vale vleermuis, watervleermuis, franjestaart, rosse vleermuis, bosvleermuis, gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. Daarnaast hebben we een referentiekader opgesteld voor elk van de volgende zes akoestisch gelijkaardige soortgroepen: dwergvleermuizen, laatvliegers–rosse vleermuizen, Myotis-soorten, grootoorvleermuizen, hoefijzerneuzen en een algemene groep met alle soorten samen.
Het eerste deel van de studie bestaat uit een internationale literatuurstudie over referentiekaders voor vleermuisactiviteit op basis van akoestische monitoring en de daarbij voorkomende vertekeningen. Dit deel identificeert de belangrijkste elementen die in aanmerking worden genomen bij de ontwikkeling van een referentiekader en toont bestaande verschillen tussen landen aan.
Het tweede deel beschrijft de vertekeningen die verband houden met het gebruikte materiaal en waarmee rekening moet worden gehouden. Deze factoren hebben betrekking op de technische configuratie (batterij, microfoontype, opstelling, SD-kaart), de instellingen van het materiaal (steekproeffrequentie, triggerinstellingen, minimale en maximale frequentie, enz.), evenals het gegevensformaat en de nabewerking (plaatsingsperiode, duur van contacten, classificatoren, enz.).
Het derde deel licht de methodologie toe die werd ontwikkeld om activiteitsklassen op te stellen: verzameling en opschoning van gegevens, filtering en categorisatie via logistische regressies, filtering en temporele segmentatie (zwermgedrag versus drachtperiode), rekening houden met materiële filters (Wildlife Acoustics-reeks), ruimtelijke indeling per habitat (open, randzones, bos), en groepering in soortgroepen—allemaal elementen die in aanmerking werden genomen bij de opbouw van de activiteitsklassen.
Het vierde deel presenteert de resultaten en vergelijkt het ontwikkelde referentiekader met bestaande studies. Daarnaast werd een applicatie ontwikkeld om de resultaten op een eenvoudiger manier te visualiseren.
